Staar
Van oorzaak tot behandeling
Gepubliceerd op: 20 mei 2026Staar is een veelvoorkomende oogziekte waarbij de lens in het oog troebel wordt en je steeds waziger en minder gaat zien. Oogarts Daan Beetsma vertelt hoe staar ontstaat en wat er aan gedaan kan worden: “Het is een normaal verschijnsel bij het ouder worden, uiteindelijk krijgt iedereen staar.”
Troebele ooglens
Daan: “In het oog, achter de pupil, zit de ooglens. De lens is helder en doorzichtig zodat het licht er makkelijk doorheen valt en je scherp kunt zien. Bij jonge ogen is de lens meestal nog flexibel en kan hij zelf scherpstellen zodat je dichtbij én veraf goed kunt zien. Bij ouder wordende ogen wordt de lens stugger waardoor het zicht slechter wordt en je bijvoorbeeld een leesbril nodig hebt. Ook wordt de lens, naarmate je ouder wordt, steeds troebeler en doffer. Dat noemen we staar en dat kun je niet meer corrigeren met een bril.”
Verschillende soorten staar
Daan vertelt dat er grofweg twee soorten staar zijn: “Een lens heeft een kern en een schil, een beetje zoals een ui. Staar kan aan de buitenrand of in de kern van de lens ontstaan. Staar aan de buitenrand van de lens, ook wel de schors, wordt schorsstaar genoemd. Schorsstaar geeft bijvoorbeeld strooilichtklachten, waarbij licht feller en hinderlijker binnenkomt. Staar aan de binnenkant van de lens, de kern, wordt kernstaar genoemd. Bij beide vormen van staar vermindert het zicht.
"Bij staar wordt de lens van het oog langzaam troebeler waardoor het zicht steeds slechter wordt"
Ouderdom
Ouder worden is de grootste oorzaak van staar. “De grootste groep patiënten met staar zijn ouderen boven de zestig jaar. Maar staar kan ook een andere oorzaak hebben zoals een andere lichamelijke aandoening. Bijvoorbeeld suikerziekte, een aangeboren vorm van staar of beschadiging van de lens door een harde klap op het oog. Uiteindelijk krijgt iedereen staar. Het ontwikkelt zich langzaam, uiteindelijk ga je steeds waziger en slechter zien. Het zicht is dan ook niet meer te corrigeren met een bril. Staar krijg je meestal aan beide ogen, het ene oog soms eerder dan het andere oog”, vervolgt Daan.
Operatie
In het geval van staar verwijst de opticien door naar de oogarts. Daan: “Het enige dat we kunnen doen om staar te verhelpen is een staaroperatie. Het is een fabel dat staar met laserbehandelingen of met druppels behandeld kan worden. Bij een operatie vervangen we de doffe lens voor een nieuwe, heldere lens. We meten de sterkte van de nieuwe lens voorafgaand aan de operatie. De sterkte van de nieuwe lens is afhankelijk van de bouw van je oog en het hoornvlies. Dat is bij iedereen anders en moet goed passen. De operatie duurt niet lang, in een korte tijd vervangen we de lens. De lens zit in een lenszakje achter de pupil. We halen dat lenszakje leeg via een klein sneetje in het oog. De nieuwe lens implanteren we dan terug in het lenszakje.”
Herstel
“Een staaroperatie doen we meestal onder plaatselijke verdoving en is daarom niet pijnlijk. De eerste dag na de operatie is het zicht nog wazig door de beschermende zalf die we op het oog aanbrengen. In de dagen daarna wordt het zicht geleidelijk weer helderder. Na een operatie ben je volledig van de staar af. De staar komt dan ook niet meer terug. De meeste mensen hebben nog wel een bril nodig na een staaroperatie. Er kan op termijn wel nastaar ontstaan. Dat vormt zich een vliesje aan de achterkant van het lenszakje. Dat kan eenvoudig behandeld worden met een korte, pijnloze laseringreep”, sluit Daan af.